SOLINKS

Dualisme, gaan we het nu echt eens regelen?

Een van de zaken die de democratische werking van het parlement belemmert is het gegeven dat er nog steeds een regering wordt gevormd op basis van een akkoord tussen partijen. En dat is toch eigenlijk vreemd? Want wat is de taak van het parlement? Juist, het controleren van de regering, maar kun je dat wel als je gebonden bent aan afspraken? Kun je dan nog wel (zonder last) de door de regering genomen besluiten beoordelen? Ik denk van niet.
Als dat zo is dan betekent het dat de meerderheid van de Tweede Kamer het gevoerde beleid niet behoorlijk kan controleren.

Lees meer: Dualisme, gaan we het nu echt eens regelen?

Schrijf reactie (1 Reacties)

Waarom de verdeeldheid van de kiezers wel eens goed uit zou kunnen pakken.

Kijkend naar de laatste peiling1 (van Maurice de Hond) kun je concluderen dat een kabinet (er van uitgaande dat de PVV zich buitenspel heeft gezet) of uit 6 partijen gevormd moet worden of een "grotere" linkse partij mee moet krijgen.

De coalitie van 6 bestaat uit VVD, CDA, D66, 50PLUS, ChristenUnie en PvdD (samen goed voor 76 zetels en een ruime meerderheid in de eerste kamer. Alleen GroenLinks en de SP zijn (in deze peiling) groot genoeg om afzonderlijk de ChristenUnie en de PvdD wat zetelaantal betreft te vervangen). De coalitie met VVD, CDA, GroenLinks, D66 en 50PLUS heeft samen 82 zetels; een coalities met VVD, CDA, D66, SP en 50PLUS komt tot 79 zetels. Beide combinaties hebben een meerderheid in de eerste kamer.

Als GroenLinks, SP en PvdA samen optrekken dan ontstaat er een ander beeld. Met elkaar behalen deze partijen (in de peiling) 38 zetels; met de 40 zetels van CDA D66 en 50PLUS (helaas ook 6 partijen) kan dan een meerderheid worden behaald. Ook in de Eerste Kamer heeft deze combinatie een meerderheid.

1 Deze tekst is gebaseerd op de laatste peiling voor Prinsjesdag en de Algemene Politiek Beschouwing, de komende week zal deze aangevuld worden met de eerste peiling daarna.

Schrijf reactie (0 Reacties)

Het dak is dicht!

Na vier jaar hakken en schaven is de reparatie afgerond; de hoogste tijd om de rest van het huis te renoveren.

Om te kunnen beslissen over het plan van aanpak is het van belang om eerst naar de status van het huis te kijken. De muren en het dak zijn weliswaar redelijk toekomstbestendig; de indeling en inrichting bepalen toch in belangrijke mate hoe prettig wij ons zullen voelen.

Stand van zaken.

Nadat wij bij de vorige verbouwing de zuilen hadden afgebroken zijn er een groot aantal ruimtes ontstaan waarin wij naast elkaar aan de toekomst hebben gebouwd. Waar het de verwachting was dat het wegnemen van de zuilen voor een bredere samenleving zou zorgen kozen wij, door het ontbreken van een gezamenlijk doel, voor een verdere opdeling van ons huis. Deze opdeling werd nog vergroot door invloeden van buitenaf. De zuilen zijn vervangen door een groter aantal schotten en de gezamenlijke ruimte werd verder verkleind. Het effect is dat verschillen niet kleiner zijn geworden maar juist zijn toegenomen.

De komende maanden moet duidelijk worden hoe de renovatie wordt aangepakt, gaan wij door op de ingeslagen weg (consolidatie), kiezen wij voor een wat ingrijpender verbouwing (het roer gaat om) of is het voldoende om wat accenten aan te passen (een kleine verbouwing)?

Laten wij de alternatieven eens nader bekijken.

De consolidatie.

De eenvoudigste optie is om de bestaande ruimtes te handhaven, de renovatie is dan snel afgerond en de overlast is beperkt. Het nadeel is dat er niets wordt opgelost. Wij zitten vast in hetzelfde gebouw en als een groep meer ruimte wil dan gaat dat ten koste van of de gezamenlijke ruimte of van de ruimte van een andere groep. De kans dat de spanningen op den duur verder op zullen lopen is groot.

Een kleine verbouwing.

Een iets ingrijpender aanpassing kan worden gedaan door de gezamenlijke ruimte wat te vergroten en het aantal hokjes enigszins te beperken. Het raamwerk blijft echter grotendeels overeind. Hier een daar een likje frisse verf zorgt er voor dat wij weer een tijdje verder kunnen, maar in essentie blijven de verschillen bestaan, ze worden hooguit (tijdelijk) wat kleiner. Wij kunnen weer een tijdje verder; echt toekomstbestendig is het allemaal nog niet.

Het roer gaat om.

Wij kunnen het ook rigoureus aanpakken; we slopen alle binnenmuren (met uitzondering van de draagmuren) er uit en beginnen opnieuw. Na de zuilen en de hokjes kiezen wij voor een open samenleving waaraan iedereen mee kan doen. Daarbij zijn de draagmuren (onze normen en waarden) een belangrijk onderdeel maar is er ruimte voor een persoonlijke invulling waarbij de vrijheid van het individu alleen beperkt wordt door de vrijheid van anderen. Naast de eigen identiteit speelt solidariteit een belangrijke rol. Dit is een ingrijpende verbouwing en vraagt veel van ons, maar (als wij het goed doen) resulteert het wel in een gebouw dat toekomstbestendig is. De belangrijkste voorwaarden om het op deze manier te kunnen doen is dat wij het gezamenlijk doen; er is geen ruimte om groepen of individuen aan de zijlijn te laten toekijken.

Het is tijd om te kiezen!

De consolidatie. - 0%
Een kleine verbouwing. - 0%
Het roer moet om. - 100%
 

Schrijf reactie (0 Reacties)

En weer een poging tot samenwerking op links.

GroenLinks en de SP slaan de handen ineen. Op het eerste gezicht is dat een goede zaak. Maar als je verder kijkt dan is het wellicht het tegendeel.

Wat is er aan de hand? Volgende week dinsdag worden de (uitgelekte) stukken van het kabinet gepresenteerd, daarna volgende Algemene Beschouwingen. Juist nu hebben GroenLinks en de SP er voor gekozen om een plan voor een eerlijkere verdeling van de inkomens te lanceren. Het plan is kostenneutraal en kan dan ook ingebracht worden zonder dat extra bezuinigingen of investeringen noodzakelijk zijn.
Op zich niet zo'n slecht plan, maar waarom kiest men er voor om het nu te doen? 

Zonder steun van andere partijen zal dit plan het niet halen, SP en Groenlinks hebben samen immers slechts 19 zetels. Zelfs als de PvdA mee stemt dan nog gaat het (samen 55 zetels) nog niet lukken. Waarom doen ze het dan en kiezen zij er niet voor om dit bij de verkiezingen in te brengen en daarvoor vooraf steun te zoeken? Waarschijnlijk willen zij de kiezers duidelijk maken van welke partijen men iets kan verwachten.

Naast GroenLinks en SP zouden ook ChristenUnie, 50PLUS, Kuzu/Ozturk en wellicht Van Vliet dit voorstel vanuit de oppositie kunnen steunen. Met elkaar komt men dan op 27 zetels. Misschien dat D66 (heeft iets over vermindering van de inkomensverschillen in het verkiezingsprogramma opgenomen) en ook het CDA er nog wel voor te porren zijn (daarmee komt de teller op: 52 zetels). Met de steun van de PvdA kan er dan een meerderheid ontstaan.

Tegelijkertijd zal het kabinet (bij monde van minister Dijsselbloem, PvdA) een dergelijke motie ontraden. Daardoor komt de PvdA in een spagaat: men wil wel maar heeft ook afspraken in de coalitie gemaakt. Als het voorstel (met steun van de PvdA) een meerderheid haalt dan zal dat waarschijnlijk tot een kabinetscrisis leiden en daar zit men bij de PvdA niet op te wachten. Het voorstel zal dan alsnog niet worden uitgevoerd en dus wordt er niets mee bereikt door het voorstel nu te doen. Veel beter zou het zijn om dit mee te nemen naar de verkiezingen en er een groter draagvlak voor te vinden. De kans dat er dan iets van terecht komt is, denk ik, aanmerkelijk groter. 

 

 

Schrijf reactie (3 Reacties)

Dames en heren,

Het is geen 5 minuten voor 12, maar 5 seconden voor 12. Als wij nu niet radicaal de koers verleggen dan hoeft het niet meer! En eigenlijk is het niet voldoende als dat alleen in Nederland gebeurt, maar goed je moet ergens beginnen.

Terug naar de basis van onze beschaving, niet dat wij alle verworvenheden weg moeten gooien maar wel dat wij in de menselijke verhoudingen terug moeten naar de stam waarin wij oorspronkelijk leefden. De stam waarin men er voor elkaar was en waar iedereen bijdroeg naar zijn of haar mogelijkheden.

Tegelijkertijd moeten wij blijven door ontwikkelen, niet om verder te groeien maar om de toekomst voor onze kinderen veilig te stellen. De rijkdommen van onze aarde zijn eindig, de energie uit zon, wind en water weliswaar ook maar die kunnen veel langer mee.

Terug naar de “stam”.

In een stam waren er verschillen tussen de leden, het stamhoofd bezat meer dan de leden van de stam. Maar het verschil was niet zo groot dat anderen hem daarvoor benijdden. Zijn status werd niet afgemeten aan zijn bezit maar aan zijn gedrag, zijn wijsheid. Voor iedereen was er echter voldoende om te kunnen leven.
Hoe kun je die situatie vertalen naar de huidige omstandigheden?

Dat is niet eenvoudig het vraagt nogal wat aanpassingen. Ten eerste moeten wij er voor zorgen dat iedereen voldoende inkomen heeft om normaal te kunnen leven. Ten tweede moeten wij er voor zorgen dat de verschillen in inkomen, bezit terug brengen naar normale proporties. Het eerste zou het best kunnen door het invoeren van een basisinkomen (daar lijken de geesten echter nog niet rijp voor). Het tweede zal moeten worden gedaan door in te grijpen in de economie. Bedrijven zullen niet langer alleen het eigendom moeten zijn van de aandeelhouders, ook de werknemers moeten een dusdanig belang krijgen zodat zij invloed kunnen uitoefenen op het beleid van het bedrijf.

Even terug naar het basisinkomen (in de Nederlandse situatie). Veel mensen (iedereen die een uitkering ontvangt) krijgen al een vorm van basisinkomen; het verschil met een echt basisinkomen is dat er aan voorwaarden moet worden voldaan en dat de hoogte van de uitkering niet altijd gelijk is. Eigenlijk verandert de invoering van een onvoorwaardelijk basisinkomen alleen de hoogte (die wordt voor iedereen gelijk) en de voorwaarden (die vervallen). Desondanks zal de invoering van een onvoorwaardelijk basisinkomen (dat van voldoende niveau is om van te kunnen leven) veel extra geld kosten. Er staan echter ook voordelen tegenover: de regels hoeven niet langer gehandhaafd te worden, het belastingsysteem kan eenvoudiger, arbeid kan flexibeler worden omdat iedereen zeker is van een basisinkomen, pensioenopbouw (en dus de fiscale lasten daarvan) kan achterwege blijven, alle toeslagen vervallen en de aftrek van de hypotheekrente vervalt. Waarschijnlijk is dat nog niet voldoende om alle extra kosten te dekken. Daarom stel ik een drietal maatregelen voor:

  • Het basisinkomen wordt uitbetaald in een gesloten systeem waardoor dit niet naar andere landen geëxporteerd kan worden.
  • Voor particulieren wordt een belastingtarief (vlaktax) ingevoerd van 50% over alle inkomsten (inclusief de toename van het vermogen).
  • Werkgevers dragen een percentage van hun loonsom bij (dit kan omdat arbeid flexibeler wordt)

Verder zijn er een aantal aanvullende maatregelen:

  • Inkomstenbelasting word direct door de belastingdienst geïnd (dit levert een aanzienlijke besparing in arbeidskosten op).
  • Het betalingsverkeer komt in handen van de overheid (later eventueel over te hevelen naar de Europese Bank), banken blijven actief als spaarbanken en/of beleggingsbanken. Voordeel is dat geen enkel bank meer “too big too fail” is.
  • Om in aanmerking te komen voor het basisinkomen moet een “verklaring van Nederlanderschap” worden ondertekend, hiermee onderschrijft men de Nederlandse “normen en waarden”. Niet naleven van deze verklaring levert een (tijdelijke) korting op. Ook moet men minimaal een nader te bepalen aantal jaren in Nederland woonachtig te zijn.
  • Het basisinkomen wordt ingetrokken of er wordt op gekort ingeval van gevangenschap.
  • Er wordt gekeken in hoeverre het sanctiebeleid van rechters kan worden uitgebreid met kortingen op het basisinkomen.

Maar dat is niet alles, dat waren slechts de basis en het financiële aspect.

Werkelijk terug naar een samenleving in stammen is vanzelfsprekend onmogelijk, wij zullen dus moeten zoeken naar een andere vorm die dit benadert. Daarbij is vooral van belang dat wij er weer voor elkaar zijn. Dat betekent niet dat je constant bij je buren op visite moet of zelfs dat je ze aardig moet vinden, maar wel dat je er bent als ze hulp nodig hebben. Het betekent ook dat je rekening met elkaar houdt en je eigen vrijheid beperkt tot de grenzen van andermans vrijheid.

De multiculturele samenleving was een vergissing, het kan wel maar alleen als de verschillen tussen de culturen beperkt zijn. Assimilatie (het volledig opgaan in een andere cultuur) is evenmin gewenst. Integratie (eerder schreef ik hier dit over) is het alternatief. Daar zullen wij dan wel met zijn allen aan moeten werken (maar wel op basis van de in de “verklaring van het Nederlanderschap” opgenomen basiswaarden).

Een goed burgerschap houdt ook in dat wij goed voor onze leefomgeving zorgen, dat wij hetgeen de aarde ons biedt niet verkwisten en er dus zorgvuldig mee omgaan.

Als wij er voor zorgen dat er financieel minder verschillen zijn, dat wij er weer voor elkaar zijn, dat wij met elkaar samen kunnen leven en dat wij onze natuurlijke bronnen zoveel mogelijk beschermen dan komt het goed, dan is een goede toekomst mogelijk. Wij mogen daarbij echter niet vergeten dat ook anderen mee moeten delen in ons “geluk”.

Onze kinderen hebben recht op een vredige en goede toekomst, laten wij het niet voor hen verzieken!

Gerrit Spilt
11-09-2016

Schrijf reactie (4 Reacties)